Mariakerk

't Zandt - Mariakerk

t Zandt ligt op een zandplaat in de Fivelboezem, die halverwege de 13e eeuw werd ingepolderd (in 1266 was dit werk klaar).

Kerk

In het derde kwart van de 13e eeuw werd een aanvang gemaakt met de bouw van de kerk, die aan Maria was gewijd (haar naam staat onder het meest oostelijke raam van het koor). Het schip van de kerk heeft vier traveeën en is nog in de oude staat. Het oude deel is gebouwd in romanogotische stijl en werd oorspronkelijk afgesloten met een halfronde absis. Daarbij diende de vierde travee als koor. In de 15e eeuw werd de absis door een hooggotisch koor met een driezijdige sluiting vervangen, zodat de kerk zijn huidige langgerekte vorm kreeg.

Tussen het oorspronkelijke schip en het koor (tussen de derde en vierde romanogotische travee) bevindt zich een triomfboog. Er zijn meerdere verklaringen voor deze naam:

  1. de boog scheidt de strijdende kerk (het lekenschip) van de triomferende kerk (het priesterkoor als weergave van de hemelse sfeer);
  2. de boog geeft de richting van Jeruzalem (het oosten) aan, waar Christus triomfeerde.

De variatie aan siermetselwerk van deze kerk, met aan de buitenzijde de rond- of spitsbogige spaarvelden onder en de vensters met blindnissen boven is uniek in Groningen. Bijzonder is de plaatsing van de ramen. In de eerste (westelijke) travee één raam, in de tweede travee twee ramen, in de derde travee één raam aan de zuidzijde, in de vierde travee één raam aan de noordzijde. Aan de binnenzijde gaf dit de mogelijkheid tot het aanbrengen van schilderingen, òf, zoals in de negentiende eeuw het plaatsen van een kansel met klankbord. Twee lage ramen accentueren de overgang van schip naar koor; aan de noordzijde bevinden zich daarbij aan de binnenzijde drie nissen; de middelste met zijn voetstukje is waarschijnlijk een sacramentsnis voor het altaargerei geweest.

Aan de buitenkant zijn in de muur tegeltjes met een nummering gemetseld. Deze dienen om op de begraafplaats rond de kerk de rijen van graven aan te geven.

De vlakke toren met een zadeldak op de noord- en zuidzijde, die los aan de oostzijde van de kerk staat, dateert eveneens uit het midden van de 13e eeuw. Op het dak staat een houten spits. In de toren hangt een klok van Gerard van Wou uit 1501 (zie ook Zeerijp en Loppersum).

In de kerk worden de vier traveeën gesierd met romanogotische koepelgewelven (die er van boven als halve meloentjes uitzien), met steeds afwisselend metselwerk. Deze gewelven hebben elk acht ribben die in steeds andere rozetten samenkomen. Nog uit de 13e eeuw zijn de schilderingen in het schip en de baksteenimitatie op de wanden van het schip.

De rankornamenten en heiligenfiguren dateren uit de 14e eeuw; een afbeelding van het Laatste Oordeel dateert in zijn huidige vorm uit de 15e eeuw. De kleine karikaturaal aandoende prentjes in de kerk stammen eveneens uit deze tijd. Bij de bouw van het koor werden ook daar schilderingen aangebracht en werden de vensters voorzien van blokversieringen.

Afbeeldingen op het koorgewelf:

  • Christus als de man van smarten;
  • Handen van engelen die in de offerdienst hulp verlenen;
  • De symbolen van de vier Evangelisten;
  • Een zeemeermin met een spiegel en een kam;
  • Een hert (Christus die de duivel overwint);
  • Een haan (teken van waakzaamheid).

Afbeeldingen op het straalgewelf in de koorsluiting:

  • Vijf muziek makende engelen;
  • Een pelikaan
  • Een uil (symboliseert waarschijnlijk de Joden die liever in de duisternis verkeren het volk dat in duisternis wandelt).

Kansel

De kansel is gemaakt van mahoniehout in neo-klassieke stijl uit 1823. De onderbouw is blokvormig en vierkant. In de klassieke tempelbouw zou dit een stylobaat zijn. Daar boven, iets inspringend, bevindt zich een plint; en helemaal bovenop staat de ronde kuip, die slechts met architectonische middelen is versierd (toscaanse zuiltjes met een triglyphen- en metopenfries om lege vlakken). Rond de kansel staat een doophek.

Orgel

Het orgel is in 1662 gebouwd door H.Huis en stond aanvankelijk op de scheidingswand tussen koor en schip. In 1791 is het orgel door F.C.Schnitger en H.H.Freytag verplaatst en aangepast en heeft het zijn huidige orgelfront met snijwerk gekregen. Het is in de zestiger jaren van de 20ste eeuw gerestaureerd.

Borgen

Twee borgen domineren t Zandt: de borg Ompteda (rechts van de weg naar Spijk) in 1750 afgebroken en de borg Alberdaheerd (ten zuidoosten van t Zandt langs de weg naar Leermens), waarvan het terrein nog intact is, maar het gebouw niet.

2006 - Tekst: Anton van der Lingen, redactie: Eelco Bruinsma (Cheperu). Dit document is gemaakt in het kader van het project: 10 Kerken. Romanogotiek in Groningen

Comments