SMEDERIJ DWARFFORGE


Smederij Dwarfforge

Smederij Dwarfforge is een door Bert Jager in 2007 opgerichte smederij in het kleine dorp Eexterveen in Noord-Oost Drenthe.

De naam Dwarfforge komt voort uit de fantasieverhalen waarin de dwergen de meestersmeden zijn. Forge staat voor smidsvuur. De totale naam geeft de omgeving weer waarin Bert werkt; een kleine smidse.

Naast het gebruikelijke smeedwerk zoals scharnieren, uithangbordjes en sluitingen, maakt Bert ook creatieve andere voorwerpen om de grenzen van de mogelijkheden van het werken met metaal te verkennen.

Voor opdrachten en demonstraties kunt u contact opnemen:

Bert Jager

Dwarfforge@gmail.com

0598-468148

Voor demonstraties zal een vergoeding en reiskosten worden gevraagd.

VACATURE

Gezel M / V voor middeleeuwse ambachten gezocht

Voor onze re-enactmentgroep De Westerwolders zijn we op zoek naar een enthousiaste gezellen m/v die graag een ambacht willen leren tijdens middeleeuwse evenementen.

Mocht het je wat lijken neem dan contact op met Bert Jager of bezoek de evenementen waaraan de Westerwolders 1475 deelnemen. Zie daarvoor de agenda.

Ook mensen die geïnteresseerd zijn in de Middeleeuwen en eens willen deelnemen aan een middeleeuws kamp, zijn van harte welkom.


Hieronder volgt een Engels gedicht over de sfeer rond het smeden.

Er onder staat de Nederlandse vertaling.

Door into the dark

All I know is a door into the dark

Outside, old axles an iron hoops rusting

Inside, the hammered anvil’s short-pitched ring

The unpreditable fantails of sparks

Or hiss when a new shoe toughens in water

The anvil must be somewhere in the centre

Horned as a unicorn, at one end square

Set there immovable, an altar

Where he expends himself in shape and music

Sometimes, leather-aproned, hairs in his nose

He leans out on a jamb, recalls a clatter

Of hoofs where traffic is flashing in rows

Then grunts and goes in, with a slam and flick

To bear real iron out, to work the bellows

Seamus Heaney

Vertaling

Deur naar het duister

Ik ken alleen een deur naar het duister

Buiten roesten oude velgen en ijzeren duigen

Binnen het korte, hoge klinken van hamer op aambeeld

De onvoorspelbare vonkenwaaier

Of het gesis als een nieuw hoefijzer hardt in het water

Het aambeeld bevindt zich ergens in het midden

Gehoornd als een eenhoorn, aan één kant plat

Staat het daar onbeweeglijk: een altaar

Waar hij zich uitleeft in vorm en muziek

Soms leunt hij met een leren voorschot voor

En haren in zijn neus uit een raamkozijn naar buiten

En herinnert zich het daveren van hoeven waar nu

Verkeer rijen dik voorbij raast; dan gromt hij

En gaat met een klap en een ruk naar binnen

Om echt ijzer te smeden, te werken met de blaasbalg



20 jaar geleden sloeg ik bij de Onstwedder Gaarv’n voor het eerst met m’n hamer op een stuk oranje heet ijzer. De vonken sprongen er van af, het zweet droop van mijn voorhoofd en het metaal voegde zich in de vorm die ik voor ogen had. De smid in mij was ontwaakt en ik leerde een van de oudste metaalbewerkingen. Na vele jaren bij een meester in de leer te zijn geweest ben ik inmiddels al weer een jaar of tien gezel af en trek nu door het land om het smeedambacht te laten zien. Sinds zes jaar geef ik ’s winters zelf les voor de Onstwedder Gaarv’n. In deze lessen hoop ik kennis en enthousiasme over het smeden maar ook over de voorbijgegane tijden, over te dragen.

De voorbijgegane tijden

Sinds de IJzertijd zijn onze voorouders in de weer geweest met het produceren van ijzer uit ijzeroer waarna dit weerbarstige ijzer moest worden gesmeed. Eeuwen lang waren andere ambachtslieden en boeren voor hun gereedschappen aangewezen op de smid en kon de strijd alleen gewonnen worden als de smid goede zwaarden, bijlen en speren kon smeden. In het huishouden werden ijzeren ketels en ander kookgerei veelvuldig gebruikt en ook sieraden werden van ijzer gemaakt. Na eeuwen is dit ambachtelijke smeden verfijnd tot een ambacht dat velen aanspreekt, al is het alleen maar vanwege het fascinerende en vurige schouwspel dat het smeden van het gloeiende ijzer laat zien. Helaas zijn er weinig dorpssmeden overgebleven en wordt het meeste smeedwerk inmiddels machinaal geproduceerd.

De smid

De smid is meester van de 4 elementen; vuur om het ijzer te verhitten, aarde in de vorm van kolen voor brandstof, lucht om de kolen te laten gloeien en water om juist deze hitte weer te temperen en het ijzer te koelen. De smid is een vurig en creatief vakman, die fysiek werk leuk vindt maar ook kunstzinnig is en technieken beheerst om een werkstuk tot een strak en uniek eindproduct te smeden. In dit eindproduct kun je de smid herkennen aan zijn stijl en voorkeur voor vormen.

De opleiding

Iedere smid is ooit eens begonnen als leerling. De leerlingen leren hoe het vuur te maken en te onderhouden. Ook zorgen zij voor de blaasbalg. Aangezien we geen blaasbalgen meer hebben begint iedereen bij mij als gezel.