Pagina's‎ > ‎

Jaaroverzicht 2007


 (Samenstelling: Lex Peeters en Jef Sas)

 

Januari:

Op 07-01, toen de aanwezige vogels op de belangrijkste plassen tussen Mol en Lommel (van Plas Vercammen tot en met Maatheide Stevensvennen) werden geteld, leverde dat voor enkele algemenere soorten de volgende aantallen op: 24 Dodaars, 206 Fuut, 772 Wilde Eend, 40 Krakeend, (slechts!) 29 Wintertaling, (slechts!) 29 Tafeleend, 520 Kuifeend, 932 Meerkoet.

 


Een onv. IJsduiker verbleef nog tot tenminste 14-01 op de E34 put tussen Lommel en Neerpelt. Het zeer makke adulte exemplaar dat het op het kanaal bij Olen (Geel) goed naar zijn zin had, raakte op 07-01 verstrikt in een vislijn en moest worden overgebracht naar het Vogelopvangcentrum van Opglabbeek. Daar zou hij op 7 februari overlijden.

 

In de regio werden twee slaapplaatsen van Grote Zilverreigers getraceerd. Een aan de Gertryvijver in Prinsenpark, waar meestal 9 ex. bijeen kwamen, en een in de Aalscholverslaapplaats bij plas Stroobants, waar het 3-5 ex. betrof. Daarbuiten was er een waarneming van het Griesbroek bij Olmen (2 ex. 05-01). Bij Stroobants kwamen op 07-01 minimaal 255 Aalscholvers slapen. Op 14-01 waren het er 266, waaronder een ex. met een groene ring aan de linkerpoot.

 

Het werd helaas geen echte 'ganzenwinter'. De meeste waarnemingen van Toendrarietganzen bleven beperkt tot overvliegende groepjes, zoals 32 ex. op 01-01 over Kristallijn. Uitsluitend op 15-01 werd een groep van enige importantie aan de grond gezien (220 ex. ten zuiden van Zwart Kot). Wellicht ontbrak door het uitblijven van een lange vorstperiode de noodzaak om uit de primaire overwinteringsgebieden op te schuiven.

 

Adulte IJsduiker Geel (foto David Verdonck)

 

 

11 Smienten werden op 07-01 geteld op Miramar, de beste plek voor deze soort in de regio. De waarnemingen daarbuiten bleven beperkt tot een man op 07-01 op de Stortplas. Een wijfje Topper werd op 15-01, aan de rand van de regio, aangetroffen op het Hageven en zou daar enige weken blijven. Brilduikers werden gemeld van de grote plas van Rauw (1 ex. 06-01), Miramar (1 ex. 07-01), de Kanaalplas (1 ex. 07-01) en de Stortplas (1 ex. 07-01).

 

De leukste soort van de maand werd een wijfje Grote Zeeeend, dat van 30-12-2006 tot 07-01 op de grote plas bij Rauw verbleef. De vogel liet zich regelmatig fraai en op redelijke afstand bezichtigen. Nonnetjes doken op bij Prinsenpark (2 ex. 06-01), Meergoor Sluis (2 ex. 07-01), de Stortplas (1 ex. 07-01), Plas Stroobants (2 man, 3 vrouw 07-01), de kleine plas tussen Warande en Van As in Mol-Donk (regelmatig 1-4 ex.) en de Grote Zandput (2 ex. 27-01). De grootste aantallen Grote Zaagbekken werden deze maand geteld in Prinsenpark (5 man, 4 wijf 06-01; 6 man, 9 wijf 07-01), op de Grote Zandput (8 ex. 27-01) en de grotendeels dichtgevroren Goorvijvers bij Campinastrand (7 ex. 27-01).

 

Witgatjes (1-3 ex.) overwinterden bij Kristallijn. Op 05-01 werden 2 Houtsnippen waargenomen in het Griesbroek bij Olmen. Een jagend wijfje Blauwe Kiekendief passeerde op 07-01 de Kanaalplas.

 


Op het strand van de Grote Zandput zat op 07-01 een adulte Pontische Meeuw. Een adulte Grote Mantelmeeuw pleisterde op 06-01 op de buizen van de zandwinning Aqua Paradiso bij Lommel Kolonie. Boven de weilanden aan de Hondstraat in Geel vloog op 31 januari een Velduil. Het betrof de tweede deze winter in de regio.

 

Vermoedelijk bevond zich bij De Maat een (bescheiden) slaapplaats van Waterpiepers. Bij nagenoeg elk bezoek kwamen tegen de avond enkele exemplaren aanvliegen. Een Grote Gele Kwikstaart vloog op 06-01 over Aqua Paradiso bij Lommel Kolonie. Op 13 januari zat een Klapekster druk te roepen ter hoogte van Kristallijn. In tegenstelling tot vorig jaar kenmerkt de winter van 2006/2007 zich door de opvallende afwezigheid van Kepen, Appelvinken, Kruisbekken, Barmsijzen en Noordse Goudvinken. In hoeverre de extreem zachte winter daar mede verantwoordelijk voor zal zijn laat zich moeilijk bepalen. De Zwartkop die op 08-01 werd waargenomen te Mol en de Tjiftjaf die op 14-01 werd opgemerkt bij Lommel Kolonie zullen om die hoge temperaturen in elk geval niet gerouwd hebben.

 

 

Wijfje Grote Zeeeend, grote plas Rauw (foto Jelle Van de Veire)

 

 

Februari:

Op 11-02 kwamen bij vijver Stroobants minimaal 287 Aalscholvers slapen. Op 20-02 werden hier de eerste exemplaren reeds op hun nesten aangetroffen. Op 24-02 waren minimaal 15 nesten bezet. Op 24-02 bevond zich een adulte Aalscholver met groene kleurring op de buizen van Plas Vercammen. Het betrof een vogel die in 1999 of 2000 in Denemarken was geringd en wellicht eerder deze winter al werd opgemerkt op de slaapplaats bij Stroobants.

 

Grote Zilverreigers werden deze maand op twaalf verschillende lokaties gezien: grote plas Rauw (max. 2 ex.), Prinsenpark (max. 3 ex.), Kattestaart e.o. (max. 3 ex.), Goorvijvers Dessel (max. 1 ex.), De Pinken Witgoor (1ex. overliegend), Zwart Kot (max. 1 ex.), vijver Stroobants (slaapplaats, max. 5 ex.), put Vercammen (max. 1 ex.), Den Diel (max. 1 ex.), de Wateringen Retie (max. 1 ex.), De Maat (max. 1 ex.), in het moerasje thv Sas 6, langs het kanaal bij Mol-Donk (max. 4 ex.). In aanmerking genomen dat Grote Zilverreigers zich overdag onopvallend kunnen ophouden langs beken en sloten en van enkele goede plekken in de regio (onder meer Ronde Put) geen waarnemingen werden ontvangen, komt een voorzichtige schatting van de februari-populatie op 20 tot 30 ex. uit. Het maandelijks tellen bij slaapplaatsen (Stroobants, Prinsenpark en vermoedelijk De Ronde Put) zou een preciezer beeld kunnen verschaffen. In de aangrenzende Nederlandse Kempen werden zo op 17 februari maar liefst 61 ex. geteld.

We bleven deze zachte winter grotendeels verstoken van rietganzen. Buiten enkele ex. op 08-02 bij Prinsenpark en een tachtigtal dat op 18-02 in noordoostelijke richting de Grote Zandput overstak, kwamen geen waarnemingen binnen. Bij Wampenberg ('t Goorke) in Arendonk vormde zich een aardige concentratie Grauwe Ganzen. Op 16-02 werden er 295 geteld. De eerste Bergeenden arriveerden dit jaar op 03-02 aan de grote plas van Rauw (1 ex.) en Kristallijn (3 ex.). Op 24-02 waren 7 ex. aanwezig op de Grote Zandput, 1 ex. op put Rauw, 3 ex. aan Kristallijn en 1 ex. op Dekshoevevijver.

  

Een mannetje Krooneend verbleef nog de gehele maand in Prinsenpark. Een ruwe schatting van de winterpopulatie Krakeenden in de regio komt op basis van de waarnemingen en tellingen in februari op 350 à 400 ex. uit. Vond het eerste broedgeval voor Vlaanderen niet in de zeventiger jaren op De Wateringen tussen Arendonk en Postel plaats? In elk geval heeft de soort in tussentijd een heel andere status verworven. Op 15-02 verbleef een paartje Pijlstaarten in Prinsenpark. Op 20-02 werd een man gezien op put Rauw. De waarnemingen van Smienten beperkten zich tot de omgeving van Kattestaart, waar op diverse data in februari 10 à 12 ex. werden geteld.

Bij Tafeleenden lijkt deze winter de E34-afgraving bij De Wateringen in Arendonk het meest in trek. In februari verbleven hier tussen de 50 en 60 ex. Een vrouw Topper, die al in de tweede helft van januari werd opgemerkt op het Hageven, aan de rand van de streek, was op 03-02 nog aanwezig. Brilduikers werden aangetroffen op de Kanaalplas (max. 4 ex.), de A24-put in Lommel-Kolonie (max. 3 ex.), de grote zandput van Rauw (max. 3 ex.), de Miramar (max. 1 ex.), het Zwart Kot (max. 1 ex.), vijver Blauwe Kei (max. 2 ex.), Stroobants (max. 2 ex.), De Stortplas (max. 2 ex.), Den Diel (max. 2 ex.) en - zeer speciaal hier - in Prinsenpark (2 mannetjes op 18 en 19-02). Hoewel de vogels zich regelmatig tussen de diverse plassen verplaatsen, mag het totale aantal in februari op 15 à 20 ex. worden bepaald.

 

Grote Zaagbekken, Prinsenpark (foto Jelle Van de Veire)

 

Grote Zaagbekken verbleven in februari op de grote zandwinning bij Stevensvennen (max. 3 ex.), Goorvijvers/Campinastrand (max. 5 ex.), Warande (max. 7 ex.) de Wateringen (max. 7 ex.), E34-put Wateringen (max. 3 ex.), De Graaf in de Goorbossen bij Retie (max. 2 ex.), het kanaal bij Stroobants (max. 1 ex.) en Prinsenpark (max. 8 ex.). Nonnetjes waren in deze zachte wintermaand minder wijd verspreid. Op 09-02 werd een mannetje waargenomen op vijver Stroobants, waar op 11-02 een wijfje rondzwom. Op 20-02 was een wijfje op De Maat aanwezig. Maar the place to be betrof voor dit prachtige zaagbekje toch weer Den Diel, waar op 15-02 12 ex. (7 mannetjes, ook baltsend!), op 16-02 5 ex.,op 17 en 18-02 4 ex. en op 20-02 7 ex. werden genoteerd.

 

Het aantal Kieviten aan de Grote Zandput bereikte een maximum rond 03-02, toen 2250 ex. werden geteld. 6 Goudplevieren hielden zich op 10-02 op in een groep Kieviten bij Ter Moeren, Arendonk. De eerste Scholekster verscheen op 09-02 aan put Vercammen in Mol-Donk, waar zich op 25-02 al 22 ex. hadden verzameld. 

Op het slik van de afgelaten vijvers van het Familiestrand in Postel fourageerden op 09-02 6 Witgatten; op 15-02 waren het reeds 10 ex., op 19-02 nog 7 ex. Op 15-02 verbleef ook 1 ex. bij put Vercammen, op 16-02 1 ex. bij de Wampenberg in Arendonk en op 18-01 1 ex. aan Kristallijn.

 


Een Bontbekplevier - in het binnenland toch eerder een doortrekker in het voor- en najaar - vloog op 15-02 roepend rond bij put Vercammen. Minstens zo bizar was de winterwaarneming van een Zwarte Ruiter, die op 09-02 luidroepend overvloog bij de zandput van Stevensvennen. Daar werd op 05-02 een Bokje opgestoten.

 

Een bel van 10 Buizerden bij De Maat leek op 20-02 op de eerste aanzet tot voorjaarstrek te wijzen. Een vrouwtje Blauwe Kiekendief was op 05-02 aan het jagen in de omgeving van Riebos. Het paartje Slechtvalken van Mol-Donk liet zich op 15-02 prachtig bekijken boven put Vercammen; op 17-02 zat 1 van de ex. bij de nestkast en op 20-02 op de rand van de schouw. Op 24-02 had het paartje het voorjaar in de bol en was aan het baltsen.

 

Op de meeuwenslaapplaats op de grote zandwinning van Stevensvennen kwamen op 09-02 circa 18.000 meeuwen overnachten, waaronder 10.700 Kokmeeuwen, 7.400 Stormmeeuwen, 1 ad. winter Zwartkopmeeuw en 85 'grote' meeuwen, die door de grote afstand niet nader te determineren waren. Anderhalve week later, op 20-02, was het aantal opgelopen tot 24.700 meeuwen. Met 20.500 ex. was het aandeel Kokmeeuwen aanzienlijk toegenomen en met 4.100 ex. het aandeel Stormmeeuwen bijna gehalveerd.

 

 

Scholeksters bij plas Vercammen (foto Lex Peeters)

 

Tussen de Kokmeeuwen bevond zich minimaal 1 (onv.) Zwartkopmeeuw. Wederom waren de omstandigheden niet goed genoeg om de 80 'grote' meeuwen op naam te brengen. Er verbleven in elk geval (slechts) 2 ad. Kleine Mantelmeeuwen tussen.

1 ad. Pontische Meeuw werd op 03-02 gedetermineerd aan de zandput van Stevensvennen en op Aqua Paradiso in Mol Kolonie; op 09-02 waren 2 ad. ex. aanwezig aan de Grote Zandput, waar op 10-02 3 ad. ex. verbleven. Op 15-02 werd 1 onv. ex. gezien bij put Vercammen en 1 ad. op Grote Zandput. Op 09 en 10-02 zat 1 ad. Geelpootmeeuw aan de westzijde van de Grote Zandput; op 16-01 dobberde 1 ad. ex. op de vijvers van de Wateringen en op 20-02 werd een ad. ex. gezien bij Kristallijn. Daar was op 11-02 een geelpotige Zilvermeeuw (Larus a. argentatus 'omissis') aanwezig, met vermoedelijk de Baltische staten als herkomst.

 


Kleine Bonte Spechten werden in februari op minimaal 13 lokaties opgemerkt. Mogelijk werd op 19-02 een Middelste Bonte Specht gehoord ten noordwesten van put Rauw. Grote Gele Kwikstaarten werden waargenomen op 05-02 bij Russendorp (2 ex.) en bij de zandwinning van Stevensvennen, op 19-02 bij zandput De Maat aan Kristallijn en op 24-02 bij de grote plas in Rauw. Een Waterpieper liet zich op 09 en 25-02 horen boven de Kanaalplas. De eerste zingende Boomleeuwerik in de regio werd op 20-02 gehoord in de omgeving van De Maat.

Een Klapekster hield zich op 05-02 op in de groenstrook tussen de zandwinning in Stevensvennen en de baan Rauw-Lommel. 2 Noordse Kauwen verbleven op 03-02 bij Russendorp tussen Kauwen en Zwarte Kraaien.

 

Op 23-02 ontdekte Jef Sas 3 Pestvogels, fouragerend in de Gelderse Roos en Liguster ten zuidwesten van de Grote Zandput. Het is al de derde achtereenvolgende winter dat de soort daar opduikt. De dag erop betrof het 9 ex.. 's Middags werden ongetwijfeld dezelfde ex. aangetroffen op Gelderse Roos tussen de Kanaalplas en de grote plas van Rauw, ongeveer 3 km oostelijker. Het groepje zou nog tot eind maart tussen beide plekken blijven pendelen.

1 Roodborsttapuit bevond zich op 08-02 ten zuiden van zandwinning Mol-Rauw. Op 19-02 toonde zich een paartje aan de weilanden er hoogte van Kattestaart. Een Vuurgoudhaan werd op 03-02 opgemerkt tussen mezen en Tjiftjaffen aan de Grote Zandput; tenminste 3 ex. werden op 19-02 aangetroffen tussen mezen, in Braamstruweel ten westen van de zandput De Maat (bij Kristallijn). Het voorjaarsweer activeerde Tjiftjaffen in februari herhaaldelijk al tot zingen. Op 03-02 waren minimaal 6 ex. aanwezig tussen de Grote Zandput en plas LeBlanc, waarvan er 3 ex. volop aan het zingen waren; op 07, 09, 23 en 24-02 werd daar 1 ex. zingend aangetroffen. Op 04-02 werden 3 ex. tussen mezen aan Kristallijn gevonden. Aan plas Vercammen zong een ex. op 04 en op 15-02.

 

Pestvogels bij Grote Zandput (foto Lex Peeters)

 

2 Goudvinken werden op 03-02 gehoord bij Russendorp. 4 ex. vlogen op 09-02 over de Kanaalplas. Bij de Wateringen werden op 10-02 1 ex. en op 16-02 2 ex. waargenomen. Op 19-02 fourageerden 1 man en 2 vrouwen in een berkenkruin bij Familiestrand. De eerste zingende Rietgors werd in de regio op 24-02 gehoord aan de Grote Zandput. Dezelfde dag bevonden zich nog 83 ex. in winterkleed in Braamstruweel ten westen van zandput De Maat, aan Kristallijn. Die hadden ongetwijfeld nog een lange weg te gaan, alvorens hun zangpost te bereiken.

 

 




Maart:

Twee Geoorde Futen verbleven op 23-03 op de grote baggerput van Maatheide. Op 30-03 zaten daar 4 ex.. De waarnemingen duiden ongetwijfeld op doortrekkers, die hier rustend de dag doorbrengen, om 's nachts weer verder te gaan. Op 24 maart werden op de Wateringen minimaal 6 territoria Dodaarsen geteld.

In de kolonie aan Put Stroobants waren op 02-03 reeds 17 nesten van Aalscholvers bezet. Twee weken later, op 16-03, waren dat er al tien meer en op 30-03 werden 39 nesten geteld. Behalve als broedkolonie bleef de plas in maart ook dienst doen als slaapplaats. Op 23-03 werden 248 ex. geteld. Over de trektelpost trokken in maart in 44 teluren 888 exemplaren, waarvan alleen al 395 op 28-03.

 

De Roerdomp is in de Molse regio een zeldzame verschijning geworden. Zelfs een winterwaarneming zat er de voorbije maanden niet in. Voor het horen van het vertrouwde hoempen waren in maart Het Hageven (Neerpelt) en De Maai (Bergeijk - NL) de dichtsbijzijnde lokaties. In beide gebieden waren twee territoriale mannetjes actief. Des te vertrouwder is de aanwezigheid van Grote Zilverreigers geworden. Ook deze maand werden ze weer op tal van plekken waargenomen. Een vrij opmerkelijke concentratie van 4 tot 5 vogels werd meerdere malen aangetroffen in het kleine SCK-moerasje nabij Sluis 6 (Mol-Donk), waar ze samen met veel Blauwe Reigers op de talrijke kikkers en padden afkwamen. Verder was de soort min of meer vaste prik bij de vijvers in en bij Prinsenpark (waar een slaapplaats gevestigd is), De Most in Balen, De Ronde Put (waar een slaapplaats wordt vermoed), de westzijde van de Grote Plas van Rauw, de grote Sprietput van Den Diel en Het Zwart Kot. De slaapplaats aan de plas van Stroobants was in maart niet altijd bezet en het aantal ex. liep er uiteen van 1 tot 5 ex. Over de telpost passeerden in maart in totaal 7 ex.

 


Nagenoeg zeker (slecht licht en de grote afstand speelden parten) viel op 18-03 1 Kleine Zilverreiger in ter hoogte van Put Stroobants. Dit vermoeden werd nog eens versterkt doordat daar op 23-03 1 ex. in zomerkleed aanwezig bleek te zijn tussen 3 Grote Zilverreigers, op de slaapplaats. Op 26 maart dook een Kleine Zilverreiger in zomerkleed, eveneens in gezelschap van drie Grote, aan de Kattesteert op. Het begrijpelijke vermoeden dat het om hetzelfde groepje zou gaan kon op 28-03 worden ontkracht. Nadat 's ochtends al een trekkend ex. een korte rustpauze had ingelast aan de Kristallijn, kwam daar 's middags een ex. uit de richting van Put Stroobants aanvliegen, dat ter hoogte van Glasfabriek inviel. Ondertussen werd het ex. van De Kattesteert / de Grote Kievit eveneens waargenomen. Die dag werden in de regio dus drie verschillende Kleine Zilverreigers gezien! De vogel bij Prinsenpark zou tenminste tot 06-04 present blijven.

 

Dankzij de diverse herintroductieprojecten is de Ooievaar in voor- en najaar een vrij gewone passant geworden. Op 11-03 trok een ongeringd ex. over Kristallijn, op 12-03 werden 3 ex. opgemerkt boven Prinsenpark en op 15-03 vlogen 5 ex. laag over het centrum van Geel richting Olen. Op 22-03 vertrokken 10 ex. bij De Most in Balen. Ongetwijfeld dezelfde groep fourageerde op 24-03 in een weiland bij Immert (Balen-Olmen). Op 26-03 cirkelde een ex. boven Dessel en op 28-03 gleed een tweetal af over Wezel. Dat brengt het totaal in maart op 22 ex.!

 

Kleine Zilverreiger, Grote Kievit, maart 2007 (Jelle Van De Veire)

 

Tijdens de formidabele trek op 28-03 werden in het drukke luchtruim 3 Lepelaars gevonden, ter hoogte van de grote baggerput van Maatheide.

 

Na een zeer Rietgansarme winter gaf zelfs een groepje van 26 ex. over de telpost op 02-03 al voldoening. Negen Toendrarietganzen verbleven op 03-03 in het natuurontwikkelingsgebied bij de Ronde Put. Grauwe Ganzen namen begin maart in nagenoeg alle waterrijke gebieden hun territoria in. Ondanks deze spreiding bleef er bij De Ronde Put en 't Goorke (Wampenberg) in Arendonk de hele maand nog sprake van grote concentraties. Zo werden op 03-03 bij De Ronde Put 72 ex. geteld en op 16-03 bij 't Goorke 90. Na maandenlange afwezigheid verschenen op 11 maart de (?) 5 Kolganzen weer in de omgeving van Kristallijn. Elders overwinterd? Ze zouden in elk geval hier weer gaan overzomeren. Op 24-03 verbleven nog 2 ex. tussen de Grauwe Ganzen bij 't Goorke in Arendonk.

Aan de onrustbarend lange lijst van exoten kon op 09-03 de Manengans (meer eend dan gans; herkomst Australië) worden toegevoegd. Het overigens schuwe drietal hing rond in de omgeving van De Ronde Put.

 

Lex Peeters merkt op 24-03 bij De Wateringen twee paartjes Wilde Eend op met gecodeerde oranjerode neuszadeltjes. Via het Belgian Birds-forum kon achterhaald worden dat de eenden in 2005 in de buurt gemarkeerd waren, om het eventuele verband tussen het aantal broedvogels en afschot door wildbeheereenheden vast te stellen.

Op 15-03 verscheen een man Zomertaling aan De Kattensteert. De vogel zou wat later gezelschap krijgen van een wijfje en tot ver in het broedseizoen in de omgeving blijven hangen. Een broedgeval of broedpoging ligt dan ook voor de hand. Op 23-03 verbleef een wijfje op de langgerekte plas ten oosten van put Stroobants.

 


De man Krooneend van Prinsenpark bleef zijn plaats trouw, wat het geloof in een wilde herkomst verder doet afnemen (een overwinteraar zou in maart waarschijnlijk vertrokken zijn).

De enige lokatie waar nagenoeg doorlopend Smienten aanwezig waren was de Grote Kievit (ook wel Droge Put of Kattestaart II genoemd). Het aantal varieerde er van 6 ex. op 18-03 tot 20 ex. op 01-03. Op 28-03 vloog een gemengde groep van 13 Smienten en 14 Slobeenden over Kristallijn. Nog minder gewoon in de regio is de verder toch vrij algemene Pijlstaart. Op 13-03 zat een paartje op de Grote Kievit en op 17-03 dobberde een groep van 15 ex., samen met 4 Smienten, op de grote baggerput van Maatheide. Op trek werden enkele groepjes opgemerkt vanaf Kristallijn: 2 + 5 ex. op 11-03 en 18 ex. op 26-03.

 

Brilduikers waren met name present op de grote plas van Rauw (max. 3 ex.), De Blauwe Kei (max. 2 ex.), De Stortplas (max. 3 ex.),  De Kanaalplas (max. 3 ex.), LeBlanc (2 ex.) en het Zwart Kot (max. 6 ex. op 16-03). Het aantal Grote Zaagbekken in de regio liep in maart al opmerkelijk snel terug. Verspreid werden steeds kleinere groepjes of solitaire ex. waargenomen. Vermoedelijk leidde de vroege lente tot eerder vertrek. De grootste groep betrof slechts 5 ex. op 03-03 op de Ronde Put. De laatste waarneming was: 1 wijfje op 24-03 op de Wateringen.


 

Mannetje Krooneend, Kattestaart (foto Jelle Van de Veire)

 

Op 02-03 duidden 19 Buizerden over Kristallijn op trekbewegingen van deze soort. Op 28-03 passeerden daar nog eens 28 ex. Op 25-03 vertrok om 7.40 u een Rode Wouw vanuit het Maatreservaat, waar de vogel de nacht had doorgebracht. De eerste Bruine Kiekendieven van het seizoen trokken op 28-03 over Kristallijn en de Dekshoevevijver in Geel. Blauwe Kiekendieven blijven relatief schaars in de regio. Op 18-03 was een vrouwtje aan het jagen boven Maatheide en op 26-03 en 28-03 vloog een ex. over de telpost. Op 02-03 en 26-03 trok een Smelleken over Kristallijn en op 23-03 was een mannetje aan het jagen bij De Maat.

Op en rond de schouwen van de EBES-centrale bij Mol-Donk trakteerde het broedpaartje Slechtvalken de liefhebbers herhaaldelijk op een spectaculaire luchtshow. In de tweede helft van de maand was het wat rustiger rond de nestkast en werden de vogels enkel nog op 17-03 waargenomen, peuzelend aan een prooi. Het is overigens gewoon dat Slechtvalken in de broedperiode minder opvallend aanwezig zijn.

 

Patrijzen worden in het door water gedomineerde Molse landschap steeds meer een zeldzaamheid. In het agrarisch gebied rond Prinsenpark vormen ze echter nog een vaste waarde. Daar werden in maart althans geregeld ex. opgemerkt. Op 26-03 ploeterden bij Kristallijn 7 Kraanvogels tegen de harde wind in naar het noordoosten. In de namiddag van 28-03 trok een groep van 26 ex. over Bel richting Mol. Vroeg in de avond cirkelden ze boven de Braekeleer tussen Arendonk en Oud-Turnhout. Eerder die dag waren al 34 ex. over de Maatheide getrokken, daar opgemerkt vanaf de Kristallijndijk.

 


De hoogste concentratie Scholeksters verbleef aan put Vercammen, met 52 ex. op 02-03 als maximum. De eerste Kluut van het jaar verscheen op 14-03 op de zandplaat van de Grote Zandput, op 16-03 gevolgd door een invallende groep van 10 ex.. De eerste Kleine Plevier van 2007 werd op 25-03 waargenomen bij Kristallijn. In de dagen erna zouden daar in totaal 13 ex. overtrekken. Op 30-03 vloog een Bontbekplevier over de Grote Zandput. Vier Goudplevieren trokken op 18-03 over de trektelpost.

De eerste Tureluur van 2007 werd op 03-03 aangetroffen nabij De Ronde Put. Bij Grutto's was de Grote Kievit weer het meest in trek, met 17 ex. op 12-03 als hoogste aantal. Voor plaatselijke begrippen is ook de groep van 14 Wulpen op 30 maart bij de Grote Zandput vermeldenswaardig.

De afgelaten vijvers van het Familiestrand vormden ogenschijnlijk een eldorado voor steltlopers, maar blijkbaar vonden alleen Witgatten er iets van hun gading. Negen ex. op 03-03 was hier het maximum. De eerste Oeverloper van 2007 werd op 27-03 gedetermineerd aan de Grote Kievit.

 

Op 02-03 viel een Bonte Strandloper in bij Kristallijn, op 18-03 1 ex. bij de grote plas van Rauw. Op 10-03 en op 17-03 verbleef 1 ex. aan de Grote Zandput. Voor Watersnippen bleek Dekshoevevijver weer de beste plek. Direct na het maaien van het riet op de dijkjes liep het aantal snel op, tot meer dan 50 ex. op 10-03. Vier Bokjes bevonden zich op 22-03 bij De Most in Balen. Op 27-03 was daar nog 1 ex. aanwezig.

 

 

Bonte Strandloper winterkleed, 02-03 Kristallijn (Lex Peeters)

 

Op 07-03 werd een Houtsnip waargenomen bij Kattesteert en op 09-03 werd een ex. opgestoten in het Buitengoor. Op 23-03 trokken twee territoriale vogels hun baantjes in de wijde omgeving van put Stroobants en op 27-03 werden 3 ex. opgemerkt bij De Most in Balen.

 

Het aantal Kokmeeuwen op de slaapplaats van Maatheide liep in maart vrij snel terug van circa 17.100 ex. op 03-03 naar 7.700 ex. op 20-03. Uiteraard hield die afname verband met de terugkeer naar de broedkolonies. In maart verschenen in toenemende mate Zwartkopmeeuwen in de regio. Hoofdzakelijk nog solitaire adulten. Door op 03-03 bij de meeuwenslaapplaats op de grote baggerput van Maatheide te posten werd duidelijk dat het er bij elkaar toch al minimaal 11 ex. (9 ad. + 2 2de kalenderjaar) waren. Op 23-03 hielden zich 2 ad. ex. op in de Kokmeeuwenkolonie bij Glasfabriek, waar toen een Stormmeeuw zich territoriaal gedroeg. Op de slaapplaats bij Maatheide werden op 03-03 1230 Stormmeeuwen en op 20-03 930 ex. geteld.

Bij nagenoeg elk intensief bezoek aan de regio werden in maart wel solitaire of kleine groepjes Pontische Meeuwen en Geelpootmeeuwen (tot 6 ex. op17-03: 2 ad. put Rauw, 4 ad. Grote Zandput) gedetermineerd. Vermoedelijk ging het in veel gevallen om dezelfde rondzwervende ex., maar op grond van onderscheidende kenmerken of het kleed kon ook geregeld een 'nieuwe' vogel worden ontmaskerd. Plas Vercammen, de Grote Zandput en Kristallijn waren bij deze grotere meeuwensoorten favoriet. Bovendien waren ze van de partij op de meeuwenslaapplaats bij Maatheide, waar hun aantallen door de lastige omstandigheden (grote afstand, slecht licht) echter moeilijk konden worden vastgesteld. Een soort die op de slaapplaats steeds beter vertegenwoordigd was, is de Kleine Mantelmeeuw: op 03-03 nog maar 3 ex., op 20-03 reeds 88 (allen adulte vogels!). Een adulte Grote Mantelmeeuw was daar op 03-03 aanwezig, maar vertrok tegen het vallen van de avond in zuidoostelijke richting. Op 16-03 trok 1 ad. ex. over Kristallijn.

 


2260 overtrekkende Houtduiven (28-03, Kristallijn) is voor het voorjaar zo westelijk een respectabel aantal. Op 30 maart pleisterde een Velduil aan de Grote Zandput. Alsnog werd de eerste Middelste Bonte Specht voor de streek waargenomen. Manu Vermeulen merkte de vogel op 22-03 op bij De Most in Balen. Helaas kon hij later niet meer worden teruggevonden, zodat het waarschijnlijk een zwervend ex. betrof. Anderen togen naar de bekende plek in het Varenbroek bij Westerlo, net buiten de regio, om dit mooie spechtje te bewonderen. De vele waarnemingen van (ook zingende) IJsvogels gaven aan dat de soort dankbaar profiteert van de zachte winters.

Zangposten van Boomleeuweriken werden onder meer vastgesteld bij de Grote Zandput, langs de put van Rauw, bij Kristallijn en rond de Maatheide. Voorts passeerden diverse groepjes de trektelpost (in totaal 25 ex. in maart). De eerste Oeverzwaluw van 2007 werd op 25-03 gezien boven Kristallijn. De eerste Boerenzwaluwen (27 ex.) en Huiszwaluw verschenen op 28-03 boven de telpost, samen met 11 Oeverzwaluwen.

Waterpiepers werden aangetroffen aan de westzijde van de Grote Zandput (7 ex. op 02-03), het natuurontwikkelingsgebied ten zuiden van de Ronde Put (steeds 5 à 10 ex.), de wateringen in het Maatreservaat (circa 10 ex. op 04-03), De Most in Balen (4 ex. op 27-03) en het SCK-moerasje nabij Sluis 6 (3 ex.). Op elk van deze lokaties is de aanwezigheid van een slaapplaats reëel. Op 26-03 werd een exemplaar in zomerkleed waargenomen bij de Grote Kievit. Daarnaast leverde het trektellen in maart 8 ex. op.

 

 

Mislukte missies om in de regio een MiBo te vinden dreven sommige vogelaars naar Westerlo (foto Eric Peetermans)

 

Grote Gele Kwikstaarten werden zowel trekkend als pleisterend waargenomen. Een ex. op 30-03 bij put Stroobants zou al op broeden in de omgeving kunnen duiden. Twee vroege Gele Kwikstaarten trokken op 26-03 over Kristallijn. Die dag was er bovendien sprake van sterke trek van Witte Kwikstaarten. Over Kristallijn werden 81 ex. geteld.

 

Grote groepen Koperwieken hielden zich op 16-03 op ten noorwesten van de Grote Put van Rauw (circa 300 ex.) en de Ronde Put (110 ex.). Ze lieten zich die dag door het zachte weer volop verleiden tot samenzang. De eerste Blauwborst van het voorjaar kwam op 09-03 schoorvoetend tot zingen in Gagelstruweel ten oosten van het Familiestrand bij Postel. Drie dagen later werd een ex. gehoord aan 't Goorke bij Arendonk. Ondanks het zachte weer begin maart zouden de meeste ex. dit jaar pas aan het einde van de maand, dus relatief laat, arriveren. Toen werd de karakteristieke zang ook voor het eerst opgemerkt aan de Grote Zandput.

De Klapekster die tenminste van 08-03 tot en met 30-03 bij Kristallijn verbleef, maakte soms uitstapjes naar plekken in de omgeving, zoals Maatheide en de heide bij de Stortplas. De vogel die op 22-03 bij De Most in Balen werd waargenomen zal echter een ander ex. zijn geweest.

 



Pestvogels ten westen van de Grote Zandput, maart 2007 (Lex Peeters)

 

 

 

 

 

 

 

De negen Pestvogels bleven nog tot in de laatste week van maart aanwezig. Ze pendelden tussen de Grote Zandput en het gebied tussen de Plas van Rauw en de Kanaalplas, waarbij laatstgenoemde plek steeds nadrukkelijker favoriet werd. Aanvankelijk fourageerden ze op Gelders Roos, maar toen de Canada's in bloei kwamen, ging daar de voorkeur naar uit. Met de lente in de bol werd het groepje ook steeds vocaler. Op 26-03 vlogen ze over Kristallijn en namen kort plaats in de kruinen van de Canada's aan het kanaal. Vervolgens vielen ze in of trokken weg. Waarschijnlijk dat laatste, aangezien ze nadien niet meer werden opgemerkt.

Al op 09-03 kwam het tot een explosie van Tjiftjafgetjif. Van de ene op de andere dag zaten overal ex. te zingen (alleen al in de omgeving van de Ronde Put circa 15). Wellicht hadden de vele overwinteraars, die zich al in februari herhaaldelijk lieten horen, versterking gekregen van een eerste voorjaarsoffensief. Dit is twee tot drie weken eerder dan we gewend zijn. Een Vuurgoudhaan zong op 09-03 aan de Ronde Put.

 

In de eerste week van maart nam de bedrijvigheid in de Roekenkolonies snel toe. De nestbouw raakte in volle gang. Rond 28-03 telde Herman Berghmans volgens jaarlijkse traditie de nesten in de gemeente Geel, Balen, Meerhout/Gestel en Dessel centrum. Twaalf kolonies bleken in totaal 354 nesten te omvatten. In 2006 waren dat er 325.

 

Zes Appelvinken trokken op 02-03 over telpost Kristallijn. Goudvinken werden gesignaleerd aan Put Stroobants (2 ex. 02-03), de Grote Zandput (1 ex. 04-03) en De Most in Balen (4 ex. 22-03; 1 ex. 27-03). Na het zeer zwakke vinkenhalfjaar is elke Putter vermeldenswaardig. Op 11-03 was 1 ex. aanwezig bij Kristallijn en op 25-03 trok hier 1 ex. over. Vinkentrek van betekenis werd vastgesteld op 26-03, toen 1484 ex. de telpost passeerden. Op 28-03 werden nog eens 1680 ex. geteld.

 


Rouwmantel, 14 maart Grote Zandput (Michel Huysmans)

 

Overige soorten:

Op 14-03 zag en fotografeerde Michel Huysmans een Rouwmantel aan de Grote Zandput. Op 30-03 was al een luid koor van Rugstreeppadden te horen bij De Maat den Den Diel. Een Vos liep op 26-03 in de ochtendschemer langs afgraving De Maat.

 

 

Mei:

Op 03-05 dobberden 4 Geoorde Futen op de grote baggerput van Maatheide. Drie ex. bevonden zich op 11-05 aan de rand van de Kokmeeuwenkolonie van Glasfabriek. Ondanks hun hoopgevende baltsgedrag zouden ze daar later niet meer worden teruggezien.

Hoewel we de Velbo-putten tussen Lommel en Neerpelt feitelijk niet tot onze regio rekenen, mag de Zwarte Ibis die Toon Jansen daar op 15-05 zag cirkelen niet onvermeld blijven. 's Avonds werd de ongeringde vogel teruggevonden aan het Hageven, waar hij enkele dagen zou blijven. Een uitzonderlijk late Grote Zilverreiger in broedkleed dook op 15-05 op bij de Grote Kievit. Dankzij de kleurringen die de vogel droeg kon de nieuwsgierigheid naar de herkomst bedwongen worden. Hij bleek op 12 mei 2001 geringd te zijn in Besné (Loire Atlantique) in Frankrijk en vandaaruit steeds te pendelen naar zijn overwinteringsgebied in natuurpark La Brenne (Indre). Zie voor de complete historie van de vogel de pagina 'Nieuws van het Ringerfront'. Het feit dat deze Grote Zilverreiger nu 700 km noordelijker terecht was gekomen hield wellicht verband met z'n leeftijd. Aan de Grote Kievit werd hij voor het laatst gezien op 18-05.

Een Kleine Zilverreiger, die positie had gezocht in een mooie formatie van 8 Kleine Mantelmeeuwen, trok op 03-05 in zuidoostelijke richting over Maatheide.

 

De Grauwe Gans is in de natte regio uitgegroeid tot een dominant aanwezige broedvogel. Ook in mei werden weer de nodige broedgevallen vastgesteld: op 05-05 1 paar met pulli op de Wateringen in Postel en 14 paren met jongen (+ 30 ad.) op de Ronde Put. Op 17-05 werden 5 paren met jongen gezien op de put van Rauw. Op 21-05 werden alleen al aan de oostzijde van Put Rauw 34 pulli Canadese Gans (in diverse leeftijdsstadia) geteld. Ook elders in de regio vonden weer tal van broedgevallen van deze exoot plaats.

 


Op 12 mei bevonden zich aan de Grote Zandput 11 adulte Bergeenden + 1 paar met 12 kleine donsjongen. Op 29-05 werd er ook een tweede koppel met jongen aangetroffen. Op 17-05 zwom een paartje met 8 juv. op de grote put van Rauw en op 19-05 werd een oudervogel met 9 kleine pulli aangetroffen op Kristallijn.

Krakeenden bleven op de Grote Kievit tot laat in mei sterk vertegenwoordigd. Op 11-05 werden er nog 52 ex. geteld. In het broedseizoen blijft het een mysterieuze soort. Plotseling lopen de aantallen dan sterk terug en zelden worden duidelijke aanwijzingen voor broeden gevonden. Vandaar dat de vondst van een nest met 8 eieren, op 21-05 aan de Grote Zandput, hier vermeld wordt.

Gedurende de gehele maand mei werd aan de Grote Kievit geregeld het paartje Zomertaling, of een van beide vogels, opgemerkt, zodat ernstig rekening mag worden gehouden met een broedgeval. Extreem laat was de waarneming van een vrouwtje Pijlstaart op 21 mei op de grote baggerput van Maatheide.

 

Tot z'n grote verbazing trof Ton Schildermans op 02-05 op de Blauwe Kei bij Stevensvennen (de plas tussen Kristallijn en het kanaal van Berverlo) een man IJseend in overgangskleed aan.

 

 

Man IJseend in overgangskleed, Blauwe Kei, 04-05-2007 (Jelle Van de Veire)

 

De dag erop hield een vrouwtje IJseend in zomerkleed zich op tussen 4 Geoorde Futen op de grote baggerput van Maatheide. Na wat poetswerk verdween deze vogel in noordelijke richting. Twee verschillende IJseenden op slechts enkele honderden meters van elkaar doet vermoeden dat ze wellicht gezamenlijk gearriveerd zullen zijn. Misschien had het ruiende ex. langer de tijd nodig om weer op adem te komen. Hij bleef in elk geval tot en met 06-05.

 

Zowel op 04 als op 06-05 trok 's ochtends een Visarend over Maatheide. Op 04-05 's middag cirkelde een ex. boven de Grote Zandput. Op 07-05 dook een ex. op aan de Gertrijvijver in Prinsenpark en op 08-05 vloog er een rond tussen De Maat en de Kanaalplas. Wellicht dezelfde vogel hing later op de dag te bidden bij Kristallijn. Op 10 en 11-05 tenslotte, bevond zich weer een Visarend bij de Grote Zandput; de laatste van dit voorjaar.

Op 05-05 ontdekte Ton Schildermans een arend boven Wezel. Het tegenlicht maakte 't hem onmogelijk de roofvogel op naam te brengen. De gealarmeerde Lex Peeters, die op dat moment anderhalve km noordelijker op Maatheide was, vond hem vrijwel direct en kon uiteindelijk voldoende kenmerken (o.a. 'kleine arend' - relatief lange, rechtafgesneden staart, ook in spreidstand - lichte vlekken op rug en lichte banen over schouders) vergaren, om de vogel als Dwergarend te determineren.

 


Een Zwarte Wouw thermiekte op 01-05 hoog op vanaf Maatheide. Op 04-05 was daar ruim een half uur een ex. aanwezig. Deze vogel kon zowel jagend als zittend in een boom bewonderd worden. De dag erop vloog 1 ex. over Kanunnikenblok in Geel naar het zuidwesten. Een ex. dat op 11-05 jagend de Grote Zandput passeerde kon door andere waarnemers boven de put van Rauw weer worden opgepikt. Ook op 13-05 vloog een Zwarte Wouw laag over de Grote Zandput en op 14-05 tot slot, werd een ex. opgemerkt bij De Vriesputten te Kerkhoven. De enige Rode Wouw van mei trok op 01-05 al jagend van ZW naar NO over Maatheide.

De laatste doortrekkende Bruine Kiekendief van het voorjaar werd op 19-05 gezien over Kristallijn. Daarnaast werd op 16 en 20 mei een jagend wijfje aangetroffen bij de Grote Zandput. Een ringstaart Blauwe Kiekendief was op 01-05 een tijdje aan het jagen boven Maatheide. Wespendieven kwamen dit voorjaar slechts mondjesmaat door. De eerste werd op 02-05 gezien boven Maatheide. Ook daarna bleef het steeds bij eenlingen en duo's. In de buurt van de Ronde Put, het Maatreservaat en Glasfabriek leek hun aanwezigheid op een bezet territorium te duiden.

 

Het enige Smelleken van mei werd op 02-05 waargenomen vanaf de telpost op Maatheide. Herhaaldelijke waarnemingen van jagende Boomvalken in de omgeving van de Ronde Put, het Zwart Kot, Den Diel, de Grote Zandput, het Maatreservaat en de Maatheide zouden voor die gebieden op broedgevallen kunnen wijzen, hoewel de voorjaarstrek van deze soort tot ver in mei kan uitlopen.

 

Zwarte Wouw, Maatheide, 04-05-2007 (Lex Peeters)

 

Een Slechtvalk ondernam op 11-05 enkele duikvluchten tussen de vele steltlopers aan de Grote Zandput. Op 13-05 bevond het paartje van Mol-Donk zich bij de ingang van de nestkast en ook op 25-05 werden daar twee ex. opgemerkt.

 

Op 06-05 werd Toon Jansen telefonisch geattendeerd op 5 Kraanvogels die over Balendijk-Lommel richting de windturbines zouden vliegen. Hij kon de vogels oppikken, de vlucht klopte, maar de afstand en warmtezindering verhinderden een bevestiging van deze vrij late waarneming. Patrijs is schaars in de regio. De waarnemingen in mei bleven beperkt tot de twee paartjes die zich op Maatheide ophielden. Het is onduidelijk hoe de soort het in agrarisch gebied rond het merengebied doet.  

 

Unieke steltlopertrek (07 t/m 13-05)

 


De tijd van het jaar in combinatie met een krachtige tot stormachtige westelijke wind en afwisselend opklaringen en felle buien deed Lex Peeters op 7 mei waarschuwen voor kustgebonden steltlopers in de streek. Deze soorten trekken doorgaans in de eerste helft van mei sterk door, maar in het binnenland krijgen we daar meestal maar weinig van mee, omdat ze vooral de kustlijn volgen en/of ons erg hoog passeren. Harde wind kan ze landinwaarts drijven en plotselinge regenfronts ze naar beneden dwingen. Dat levert dan unieke kansen op.

's Avonds was 't al prijs. Alfons Luyten trof aan de Grote Zandput tussen de 10 en 15 Kanoeten aan. Ook elders in Vlaanderen doken deze dag opvallend grote groepen van deze soort op. De volgende aanwijzing dat er iets bijzonders op stapel stond volgde de volgende ochtend. Manu Vermeulen meldde vanaf 't Kristallijn onder meer 5 Kanoeten, 1 Rosse Grutto en een Bonte Strandloper, terwijl hij daarvoor al 2 Kleine Strandlopers zag aan de Grote Zandput.

's Avonds bleek hoe veranderlijk de situatie onder dit soort omstandigheden kan zijn. Op de zandplaat van de Grote Zandput telde Lex Peeters nu 19 Bonte Strandlopers, 6 Bontbekplevieren, 10 Kanoeten en 1 Regenwulp. Dat deed hem besluiten om de plek de volgende dag regelmatig te bezoeken en ook de momentopnames van anderen te verzamelen. Zo ontstond een beeld van wat het komen en gaan van steltlopers op dit soort dagen kan behelzen: minstens 1 Kluut, 13 Bontbekplevieren, 1 Zilverplevier, 3 Kleine Strandlopers, 1 Drieteenstrandloper, 4 Bonte Strandlopers, 1 Krombekstrandloper, 13 Kanoeten, 2 Steenlopers, 1 Groenpootruiter, 2 Tureluurs en 2 Zwarte Ruiters maakten op 10-05 bij de Grote Zandput een (vaak korte) tussenstop.

 

2 Krombekstrandlopers + 1 Tureluur, Kristallijn, 11-05-2007 (Werner Langhmans)

 

De tellingen werden op 11-05 herhaald. Nu kwam het totaal voor de Grote Zandput op onder meer: 2 Kluten, 5 Bontbekplevieren, 8 Zilverplevieren, 1 Kanoet, 8 Bonte Strandlopers, 10 Kleine Strandlopers, 2 Temmincksstrandlopers, 7 Drieteenstrandlopers en 3 Zwarte Ruiters.

Ook elders in de regio manifesteerde het steltjesfestival zich. Op 10-05 leverde Kristallijn onder meer 5 Kanoeten, 1 Bonte Strandloper en een Regenwulp op en bevonden zich 2 Bonte Strandlopers aan de put van Rauw. Op 11-05 zaten aan de Kristallijn onder meer 1 Bontbekplevier, 3 Bonte Strandlopers en 4 Krombekstrandlopers en aan Put Vercammen 1 Kanoet en 1 Bontbekplevier.

Ook de volgende twee dagen verliepen nog boeiend. De Grote Zandput leverde op de 12-05 nog onder meer 5 Bontbekplevieren, 4 pleisterende en een groep van circa 30 overtrekkende Zilverplevieren, 1 Kanoet, 1 Kleine Strandloper, 4 Drieteenstrandlopers en 4 Bonte Strandlopers op; bij Kristallijn zaten 2 Bontbekplevieren, 5 Bonte Strandlopers en 2 Krombekstrandlopers en aan de grote baggerput van Maatheide bevonden zich 1 Bonte Strandloper, 5 Drieteenstrandlopers en 5 Oeverlopers. Op 13-05 zaten op Maatheide nog 4 Drieteenstrandlopers en aan de Grote Zandput  6 Bontbekplevieren, 1 Drieteenstrandloper, 3 Kanoeten, 2 Krombekstrandlopers, 1 Kleine Strandloper, 1 Temmincksstrandloper en 5 Bonte Strandlopers. Daarmee was de koek grotendeels op.

 

Overige steltloperwaarnemingen in mei:

 


Op 01-05 passeerde een luidroepende Morinelplevier de trektellers op de Maatheide. De vogel viel in het oostelijke deel van het terrein in en bleek later in gezelschap van twee soortgenoten. Dit versterkt het vermoeden van Lex Peeters en Nico Venema dat zij al vier dagen eerder, op 28 april, in die hoek 2 ex. zagen opvliegen en opnieuw invallen. De grote afstand en korte waarneemtijd speelden hen toen echter parten. Op 02-05 bleek het trio vertrokken, maar in de loop van de ochtend arriveerde een vers groepje van 8 ex in zomerkleed. De prachtige vogels, die zich van de vele omstanders maar weinig aantrokken, zouden tot circa 14.00 uur in de middag blijven.

Een adulte zomerkleed Zilverplevier bevond zich op 14 mei bij de Grote Zandput en op 29-05 vloog nog een ex. over Maatheide naar het noordoosten.

 

Kleine Plevieren bezetten territoria in de meeste biotopen met zand en water, en dat zijn er nogal wat in de regio. Ze werden onder meer vastgesteld bij put Vercammen (minimaal 1), natuurontwikkeling Ronde Put (1), De Pinken (1 a 2), Grote Zandput (6 - 8), Maatheide (9 a 10), Glasfabriek (2). Een schatting van het actuele aantal broedparen in de regio komt tussen de 30 en de 40 uit.

Zowel bij de Grote Zandput als op de Maatheide waren op 14-05 3 Bontbekplevieren aanwezig. Op 15-05 zaten er aan de Grote Zandput nog 2, op 21-05 4 en op 23-05 weer 2. Twee Temmincksstrandlopers vielen op 05-05 in bij de grote baggerput van Maatheide, om na een poetsbeurt weer verder te trekken. Op 20-05 zat nog een ex. aan de Grote Zandput.

 

Morinelplevier, Maatheide, 01-05-2007 (David Verdonck)

 

Een Drieteenstrandloper verbleef op 05-05 aan de Grote Zandput. Op 14-05 werden 3 ex. aangetroffen aan de grote baggerput van Maatheide en op 15-05 weer 1 ex. aan de Grote Zandput. Bonte Strandlopers, telkens 1 ex., bevonden zich op 14-05 op de baggerput van Maatheide en op 24-05 aan Kristallijn.

De Grote Kievit tussen Retie en Geel was begin mei nog the place to be voor ruiters. Vrijwel dagelijks werden er Groenpootruiters (tot 7 ex.), Tureluurs, Bosruiters (tot 4 ex.), Watersnippen (tot 3 ex) en Regenwulpen (tot 15 ex) waargenomen. In hun gezelschap verbleef de eerste meiweek een man Kemphaan met zeer opvallende oogringen ('bril'). Een andere man, met al een bruine kraag, had het van 03 t/m 05-05 bij de Grote Zandput naar z'n zin. Op 05-05 zaten 2 Bosruiters aan 't Goorke in Arendonk en op 09-05 1 ex. aan Kristallijn. Opmerkelijk was een groep van maar liefst 15 Groenpootruiters, nog op 23-05 aan de Grote Zandput. Twee Zwarte Ruiters fourageerden op 15-05 aan de Grote Zandput.

Soms heeft een vogelaar wat geluk nodig. Zoals op 19-05, toen Nico Venema en Lex Peeters tijdens hun lunch aan het haventje van de Kanaalplas een Grauwe Franjepoot laag over het water zagen passeren. De vogel kwam uit westelijke richting aanvliegen en verdween zigzaggend in de oosthoek van het meer. 

Twee late Bokjes werden op 14-05 nog opgestoten bij De Most in Balen. Een Houtsnip vloog op 23-05 z'n territoriumgrenzen nog eens na langs 't Zwart Kot. Op 14-05 werden de laatste twee Regenwulpen gezien bij De Vriesputten in Kerkhoven.

 


De aanwezigheid van broedende Zwartkopmeeuwen in de Kokmeeuwkolonie bij Glasfabriek leidde in de regio tot veel losse waarnemingen van de soort, zodat we die in dit overzicht maar buiten beschouwing laten. Op 04-05 werden in de kolonie 29 ex. aangetroffen, waaronder 2 tweede zomer en 8 derde zomer vogels. Vijf ex. bevonden zich die avond zichtbaar op het nest. Op 11-05 waren het er minimaal 35 en op 26-05 38 ex.. Ringwerk van Werkgroep 4 Noord-Limburg, in samenwerking met Zwartkopmeeuwonderzoeker Renaud Flamant, verschafte ons uiteindelijk meer inzicht in de samenstelling van de meeuwenkolonie. Van de Kokmeeuw waren er naar schatting meer dan 500 nesten en van Zwartkopmeeuw 15 nesten, waarvan er uiteindelijk ééntje door zware regenval is weggespoeld. Van de Kokmeeuwen zijn 868 pulli en 6 adulten geringd, van de Zwartkopmeeuwen 26 Pulli en 11 adulten. Ook hielden zich hier, op de dikke wand van de kolenopslag, steeds twee paartjes Stormmeeuw verdacht op. Op 29-05 lukte het vanaf de spoordijk uiteindelijk om daarop een ex. in broedhouding te vinden.

Zeer verrassend was een adulte Drieteenmeeuw die op 02-05 de grote baggerput van Maatheide laag van noord naar zuid overvloog. Onder uitstekende omstandigheden konden de trektellers alle kenmerken (o.a. zwarte vleugelpunten, opvallende grijstintverdeling op bovenvleugels, 'rugzadeltje', stijve vlucht en zelfs groengele snavel) goed waarnemen.

De aantallen op de meeuwenslaaplaats van Maatheide namen verder af. Op 05-05 telde Toon Jansen er nog slechts 31 Kleine Mantelmeeuwen en 2 'grote meeuwen spec.'. Op 23-05 waren het 37 Kleine Mantels en alweer circa 360 Kokmeeuwen.

 

Zwartkopmeeuw, Glasfabriek, broedseizoen 2007 (Lex Peeters)

 

Twee onv. Dwergmeeuwen trokken op 10-05 over de Grote Zandput; 3 ex. bevonden zich die dag boven de put van Rauw, waar op 11-05 nog 1 ex. aanwezig was.

 

Een Zwarte Stern die op 04-05 de gehele dag boven de put van Rauw verbleef, zou slechts de voorbode blijken van veel sternengeweld. De massale aanwezigheid van insecten boven de plas oefende in mei grote aantrekkingkracht uit op meeuwen, sterns, zwaluwen en Gierzwaluwen. De gehele maand mei en nagenoeg dagelijks werden hier Zwarte Sterns aangetroffen, met een maximum van 15 ex op 13-05. Eén ex. kwam op 10-05 voorbij bij de Grote Zandput. Op 11-05 fourageerden 5 ex. boven Kristallijn en op 12-05 trokken solitaire exemplaren over de Grote Zandput en Maatheide. Op 13-05 kwam nog eens een duo over de Grote Zandput.

Op 13-05 ontdekte Eli Van Audenhove 3 adulte zomerkleed Witwangsterns in een groep Zwarte boven de Put van Rauw. De volgende ochtend bleken ze alweer verdwenen. In de daaropvolgende week was er in Nederland en België sprake van een ongekende invasie van Witvleugelsterns (honderden ex.), met daartussen ook regelmatig Witwangen. De vogelaars in de streek deden hun uiterste best om daar wat van mee te pikken, maar de vruchteloze zoektochten leidden bijna tot wanhoop. Op 20-05 was het bij de put van Rauw dan toch raak. Lex Peeters trof er aanvankelijk twee ex. aan, maar die kregen al vrij snel gezelschap van nog 8, 3, 1, 1 en 1 ex, zodat er uiteindelijk maar liefst 16 ex. rondvlogen. Nieuwe exemplaren werden door de anderen steeds onthaald door in compacte groep hoog op te vliegen (alsof ze vertrokken) en vervolgens gezamenlijk weer in te vallen, een gedrag dat ook elders tijdens deze invasie werd opgemerkt. Eli Van Audenhove was er zelfs getuige van dat twee ex. op een boei even tot copulatie overgingen.

 


Op 10-05 werden 2 en op 11-05 4 Visdieven gezien bij de Grote Zandput. Op 11-05 hingen reeds 10 ex. boven de put van Rauw, maar dat was nog niets vergeleken met de 92 ex. (!) die Philippe en Eli Van Audenhove daar de volgende avond, op 12-05 telden. Die dag vlogen bovendien 2 ex. boven put Vercammen en trokken 's ochtends 7, 's middags circa 40 (enige tijd ter plaatse) en 's avonds nog eens 9 ex. over de Grote Zandput. Dat brengt het totaal voor deze memorabele dag op zo'n 150 stuks. Op 14-05 dook nog een eenzaam ex. op boven de put van Rauw.

Op 08-05 bevonden zich 2 Noordse Sterns tussen Kokmeeuwen boven de grote plas van Rauw. Op 20-05 trok daar een ex. op met de Witvleugelsterns. Leuk was ook de Dwergstern die zich op 11-05 een groot deel van de dag tussen de vele steltlopers bij de Grote Zandput ophield.In de stormachtige wind van 11-05 zag Lex Peeters aan de grote baggerput van Maatheide een adulte zomerkleed Middelste Jager voor zich opdoemen. De prachtige vogel, compleet met 'schoenlepels' in de staart, nam zelfs korte tijd plaats op het water, op nog geen 50 meter afstand. Na een oriënterende vlucht over de plas verdween hij wat later weer in westelijke richting.

 

Een Steenuil was op 13-05 aanwezig in de omgeving van de Grote Zandput. Twee jagende Nachtzwaluwen lieten zich op 13 mei mooi observeren aan de dijk van 't Kristallijn, om uiteindelijk in noordelijke richting uit het zicht te verdwijnen.

 

Middelste Jager (recordshot), Maatheide, 11-05-2007 (Lex Peeters)

 

De eerste Zomertortel van het jaar werd op 02-05 gezien, overtrekkend over Maatheide. De vogel leidde een desastreus broedseizoen in, waarin zelfs tal van traditionele broedplaatsen en biotopen onbezet zouden blijven.

IJsvogels lijken het in de streek wel bijzonder goed te doen. Verbetering van de waterkwaliteit, betere bescherming en zachte winters zullen daaraan hebben bijgedragen. Op diverse locaties werden bezette nestholen aangetroffen en op andere plekken wees weer de aanwezigheid van zingende, alarmerende of alerte oudervogels en/of uitgevlogen jongen op een broedgeval. Al turvend en extrapolerend lijkt de conclusie gerechtvaardigd dat het aantal territoria in de regio de dertig ruim zal overschrijden.

Jagende Gierzwaluwen concentreerden zich regelmatig boven de put van Rauw. Op 08-05 werden daar 200 ex. geteld, op 11-05 150 ex en op 17-05 140 ex. Op 11-05 bevonden zij zich in gezelschap van circa 500 Oeverzwaluwen, 300 Boerenzwaluwen en 50 Huiszwaluwen, die zich allen tegoed deden aan het grote insectenaanbod boven het wateroppervlak.

Michel Huysmans telde op 23-05 aan de Grote Zandput 47 nestholen van Oeverzwaluwen. 

 

Zowel op 03 als op 04-05 passeerde een Duinpieper de hoofden van de trektellers op Maatheide. Ludo Cuypers trof op 05-05 bij Sas 6 in Mol-Donk een mannetje Grote Gele Kwikstaart aan, dat een jong voerde. Op 20-05 werd een ex. waargenomen aan de plas van Rauw en op 29-05 vloog 1 ex. over Maatheide. Gele kwikstaarten die in mei doortrekken blijken, onder goede omstandigheden gezien, meestal Noordse Kwikstaarten te zijn. Op 01-05 konden op Maatheide 5 van de 31 overtrekkende gele kwikken als Noordse gedetermineerd worden. Op 01-05 ging het om 6 van de 27 ex. en op 03-05 om 26 van de 66. Op 05-05 werden 2 overvliegende Noordse Gelen gedetermineerd bij de Ronde Put.     

Dat de Grasmus het in de regio plaatselijk goed doet, bleek wel uit een inspectie van de braambanen langs de westzijde van de Maatafgraving (ten noordenoosten van put Rauw). Daar zongen op 04-05 tussen de 20 en 30 ex. De goede biotopen aan de noord- en oostflank van de betreffende plas bleven daarbij nog buiten beschouwing. Heel wat slechter is het gesteld met de Braamsluiper. Slechts één waarneming in mei: een zingend ex. aan de zuidwestijde van Maatheide, tegen de achtertuinen van het gehucht aldaar. De Spotvogel beleefde in 2007 een hoopgevend seizoen. Uit veel jonge aanplanten in de regio klonk de karakteristieke zang. Een ochtendwandeling door de Rietzillen in Meerhout leverde op 05-05 2 zingende Sprinkhaanzangers op.

 

Spectaculair waren 2 Raven (een paartje ligt bij deze trouwe beesten voor de hand) die op 04-05 van west naar noordoost de Maatheide overstaken. Op boomhoogte en tot op 50 meter afstand van de waarnemers: de goede soorten werden deze dagen op een dienblaadje geserveerd.

Een waakzame Kramsvogel, op 03-05 in een boomtop in de zuidwesthoek van Maatheide, maakte de waarnemers alert, maar de vogel werd later in het seizoen, ondanks een speciale zoektocht, niet teruggevonden. Drie vrij late Beflijsters trokken op 04-05 nog over Maatheide. Paapjes waren dit hele voorjaar schaars. Op 02-05 verbleven 2 en 04-05 3 ex. op Maatheide en op 05-05 werden nog 2 ex. gezien bij de weilanden tegenover Kattestaart Retie. Tapuiten werden vooral op de Maatheide opgemerkt. Gezien de tijd van het jaar betrof het mogelijk overwegend vogels van de Groenlandse ondersoort. Op 02-02 waren 5 ex. aanwezig, op 04-05 al 22 en op 05-05 werd het maximum van 28 ex. geteld. Het laatste ex. werd er op 19-05 gezien.

Michel Huysmans deed op 14-05 de waarneming van zijn leven, toen hij tijdens een rookpauze een zingende Blauwe Rotslijster aantrof op een van de zandsilo's op het Sibelco-terrein, aan de Grote Zandput. Helaas slaagde hij er niet in om foto's te maken en werd de vogel later niet meer teruggevonden. Dankzij zijn ervaring met de soort is hij zeker van de zaak en de waarneming blijkt ook mooi te passen binnen de reeks die dit voorjaar elders ten noorden van het verspreidingsgebied werd neergezet. Het relaas van Michel is te vinden op het nieuwsforum. De mogelijkheid van een escape kon niet worden uitgesloten. Het zou, indien aanvaard door BAHC, de eerste waarneming van de soort voor België zijn.

 


De eerste Wielewaal werd dit seizoen op 04-05 gehoord ten oosten van Put Stroobants (daar ook op 29-05). Op 05-05 leken ze ineens in alle geschikte biotopen gearriveerd: 1 bij Wateringen Postel, 2 bij de Ronde Put, 1 bij de Lange Linneput en 1 ten noordwesten van Put Rauw (daar ook op 11 en 20-05). Allen zingend. Vanaf 9 mei werd regelmatig een zingend ex. opgemerkt in de omgeving van Plas LeBlanc en op 17-05 waren vanaf de Kleppende Klipper bij de Kanaalplas maar liefst drie zingende ex. te horen. 

 

Territoria van Blauwborsten werden maar op drie locaties aandachtig geteld. In de rietvegetatie rond de Grote Zandput werden 5 à 7 zp geteld, in de oosthoek van Maatheide 3 en in de omgeving van Glasfabriek 5. Een Nachtegaal zong op 02-05 aan de Kanaalplas, bij de Kleppende Klipper; op 17-05 waren vanaf dat punt twee zingende ex. te horen. Op 04, 17 en 25-05 werden de twee zangposten aan de noordzijde van de Maatafgraving opnieuw vastgesteld en op 05, 11 en 12-05 die ten noordwesten van Put Rauw. Op 05-05 zong bovendien 1 ex. ten westen van De Wateringen.

 

 

Blauwborst, Maatheide, mei 2007 (Lex Peeters)

 

 

Een mogelijke Noordse Nachtegaal zong op 14 mei in de zuidwesthoek van de Blauwe Kei-plas. De vogel klonk volgens Lex Peeters als een Nachtegaal die bleef 'hangen', doordat de crescendo-strofe achterwege bleef. Ook Herman Bijnens trof de vogel daar dezelfde dag aan en hem viel hetzelfde op. De zang bleek achteraf volledig overeen te komen met opnamens van Noordse Nachtegaal. Helaas werd de nachtegaal later, ondanks het afdraaien van geluid, niet meer aangetroffen. Waarschijnlijk betrof het dus een doortrekker. 

Een Appelvink vloog op 05-05 roepend over de put tussen De Wateringen en Arendonk. Een Ortolaan liet zich op 05-05 horen boven Maatheide. Daar werden twee zangposten van de Geelgors vastgesteld. Aan Kristallijn 1 en bij De Vriesputten in Kerkhoven wijst de waarneming van 1 ex. op 14-05 mogelijk op een broedgeval.

 

Ander waarnemingen:

Zowel Maatheide als de westzijde van Put Rauw werden 's avonds overheerst door een koor van Veldkrekels. Deze soort doet het in de betreffende gebieden erg goed. Een forse Roodwangschildpad zat op 05-05 te zonnen op oude boomstronken in de Lange Linneput.

 

Juni

Op 29/06 hadden zich al 55 Futen verzameld op de Molse Kanaalplas.

Het bekende groepje van 5 Kolganzen liet zich op 26/06 opmerken aan het Kristallijn. Grotere aantallen Grauwe Ganzen werden geteld op 12/06 op Put Mol-Rauw (37 ex) en op 24/06 aan de Ronde Put in Postel (113 ex). Ook Canadese Ganzen verzamelden zich alweer in grotere groepen. Op 12/06 liepen aan het Kristallijn  4 adulten bij een crèche van 28 juvenielen. Op 24/06 zaten er aan de Ronde Put 28 ex. plus nog één koppel met kleine juv. Op 24/06 aan Put Rauw Noord 88ex. en op de Maatheide Lommel 15 ex = 103 ex. samen. Het maximum voor juni werd geteld op 26/06, weer aan Put Rauw Noord, met 117 ex.

 

Broedgevallen van Bergeend werden genoteerd aan 't Kristallijn  (12/06 : 1 kp + 8 juv.); aan de Molse Grote Plas (16/06: 1 kp + 7 juv.) en op Put Rauw Noord (17/06 : 1 kp + 6 juv. en 1 kp + 5 juv.). Krakeenden met jongen laten zich erg moeilijk of niet zien. Toch zijn er twee zichtwaarnemingen voor juni: op 16/06 in reservaat De Maat  kwam 1w met 2 kleine juv. uit de beschutting van een rietkraag en op 28/06 liet 1w met 3 juv. zich even zien op Retie Kattestaart. Ook mannetjes blijken in deze periode spoorloos! Op 16/06 zwom op Retie Kievit nog 1w Zomertaling.

 

Op 18/06 schroefden 3 Wespendieven hoog op boven de Lommelse Maatheide, om dan al strak naar Z door te steken. Op 22/06  kwam 1 zuidwaarts trekkend ex. over de Molse Grote Plas.

Op 17/06 werden de vogelaars in Belgie verblijd met een influx van Vale Gieren (minimaal 98 ex), die waarschijnlijk door voedseltekort in hun Spaanse leefgebieden een zwerftocht naar het noorden hadden ondernomen. Ook in onze regio werd intensief rondgekeken om toch maar een glimp van deze uitzonderlijke invasie op te vangen. Op 19/06 hadden de volhouders prijs: Lex Peeters en Manu Vermeulen zagen rond 13.40 u vanop de Sas 4-toren in Dessel 2 ex laag over Dessel aan komen zeilen, om ter hoogte van de Boeretang hoog op te cirkelen en uit het zicht te verdwijnen. Toon Janssen zag diezelfde namiddag nog 1 ex over de Lommelse Maatheide terug richting Z trekken en boswachter Werner Derkinderen kreeg rond 17.20 u boven Arendonk 1 ex. in de kijker. Een kwartier later volgde er nog één, maar dit kan eventueel hetzelfde ex. geweest zijn. Toch  een uniek fenomeen: Vale Gieren in Meanderland. Wie had dat een jaar 10 geleden kunnen denken?

Op 16/06 trok 1 erg gehavend wijfje Bruine Kiekendief naar ZW over Lommel Maatheide, evenals 1 licht mannetje Blauwe Kiekendief (een Steppekiek kon niet volledig worden uitgesloten), dat later die dag werd waargenomen in Kasterlee Terlo.

Op 06/06 konden Dirk Meeus en Esther Cuyvers boven hun huis op Balen Heidehuizen 1 ad. mannetje Slechtvalk gedurende 15 minuten zien jagen. Nadien verween dit ex richting Keiheuvel - De Most.

 


Ondanks alle verstoring liepen er op 04/06 toch Scholeksterkuikens rond aan het Kristallijn. Ook de eerste juveniele Kleine Pleviertjes lieten zich toen opmerken. Op 12/06 maakte een Kluut even een tussenstop aan 't Kristallijn, om zijn veren te poetsen. Grotere aantallen Grutto's werden nog geteld aan Retie Grote Kievit op 05/06 (15ex.) en 16/06 (11ex.). Op 16/06 pleisterden hier ook 7 Wulpen en op 24/06 trok een Groenpootruiter over de Ronde Put in Postel.

 

In de Kokmeeuwenkolonie aan de oude glasfabriek achter Umicore (Balen Cité) telde Lex Peeters op 12/06 min. 32 ad. ex. Zwartkopmeeuwen, waaronder min. 4 met een witte (Belgische) kleurring, plus min. 3 onvolw. exemplaren waaronder 1 ex. met een groene (Duitse of Franse) kleurring. Diezelfde dag vloog één onvolwassen Dwergmeeuwtje over de Lommelse Maatheide. Bij tellingen van Kleine Mantelmeeuwen op hun slaapplaats aan de Grote Plas Mol kwam Lex op 17/06 aan 248ex. en op 21/06 al aan 372ex.

Tussen 12 en 16/06 werden 1 tot 2 Visdieven jagend gezien boven de Molse Kanaalplas en op 12/06 één Noordse Stern boven Put Rauw. Een Dwergstern kwam dan weer in de kijkers op 22/06 aan de Molse Grote Plas. Doortrekkende Zwarte Sterns: op 12/06 over Put Rauw 7 ex. en op 22/06 over Lommel Maatheide 2 ex.

 

 

 Kluut, 12 juni Kristallijn (Lex Peeters)

 

Op 16/06 werden door Lex Peeters de Oeverzwaluwkolonies geteld: De Pinken Dessel  48 nesten (deel ging wel verloren door afkalving van de oever); Mol Grote Plas 48 nesten in totaal en Lommel Maatheide Grote baggerput 138 nesten en 61 nesten aan de nieuwe groeve . Op 17/06 telde Eric Peetermans aan de Geelse Dekshoevevijver 41 nesten. 

Op 28/06 waren aan de oude glasfabriek in Balen-Wezel (Umicore) nog minimaal 10 Roodborsttapuiten aanwezig. Daar ook nog 1 zingende Sprinkhaanzanger op 29/06. Op 17/06 trokken over Lommel Maatheide al 2 Sijsjes richting zuiden.

 

Juli:

Zomermaand juli werd op de eerste dag geopend met de waarneming van een Geoorde Fuut. De vogel werd door Ludo Cuypers opgemerkt op Put Rauw. Dodaarsen met pulli werden onder meer gezien in de noordwesthoek van Put Rauw, op de Wateringen (minimaal 3 pr) en op De Grote Kievit. Op 19-07 dobberden al 71 Futen op Put Rauw. Freddy Van Wortswinkel ontdekte op 21-07 een groepje van maar liefst 4 onv. Kleine Zilverreigers op de Grote Kievit. Ook op 22-07 waren ze daar nog aanwezig. De eerste Grote Zilverreiger werd op 22-07 al door Karin van Gool waargenomen aan de Ronde Put, waar de vogel de verdere maand zou blijven pleisteren.

 

In juli vormden zich al grote concentratie's Grauwe Ganzen in de Omgeving van de Ronde Put en 't Goorke in Arendonk. Bij 't Goorke werden op 19-07 120 ex. geteld, bij de Ronde Put op 22-07 70 ex.. Ook Canadese Ganzen clusterden samen. 70 ex. werden op 19-07 geteld op Put Rauw. Op 20-07 toonde zich nog een paar met een klein jong bij Put Stroobants.

 


Op 22-07 verbleven nog 11 Bergeenden aan Kristallijn. De bijna voortdurende aanwezigheid in juli van een juv. of adulte eclips Zomertaling versterkt het vermoeden dat de soort dit jaar op de Grote Kievit tot broeden is gekomen. In de loop van de maand ontstonden alweer opvallende concentratie's Kuifeenden. Op 17 en 18-07 werden op Put Rauw 56 ex. geteld; Een dag later waren het er al 134, hetgeen getuigt van sterke verplaatsingen van deze soort in dit seizoen. Op 31-07 waren hier 165 ex. aanwezig.

 

Diverse soorten steltlopers werden alweer vanaf half juni in  de regio opgemerkt. Naast diverse Groenpootruiters, Oeverlopers (max. 11 ex. op 25-07 op Maatheide) en Witgatjes op uiteenlopende locaties, zijn vermeldenswaardig: 2 Bosruiters op 16-07 en 1 ex. op 22-07 op de Grote Kievit en 1 ex. op 19-07 op Kristallijn; 1 mannetje Kemphaan op 16-07 op de Grote Kievit; 1 Regenwulp op 17-07 op de Grote Zandput en 7 ex. overtrekkend op 31-07 over Maatheide; 1 Bonte Strandloper op 17-07 op Maatheide; 2 Kleine Strandlopers op 25-07 aan de Grote Zandput. 29 zeer waarschijnlijke Kleine Strandlopers werden daar de volgende dag gezien door Luc Damen. Indien het deze soort betrof is het veruit de grootste groep die (voor zover bekend) ooit in de regio werd aangetroffen.

Een groep van maar liefst 15 Tureluurs streek op 18 juli 's middags neer op de dijk van Put Rauw. De Grote Kievit in Retie deed z'n naam eer aan. Op 13-07 hadden zich daar al 240 Kieviten verzameld; drie dagen later was de groep gegroeid tot 355 ex.

 

Op 18 juli viel een groep van 15 Tureluurs in bij Put Rauw (Lex Peeters)

 

De eerste Visarend van het najaar verscheen op 25-07 aan de Grote Zandput. Ook twee dagen erna werd daar weer een ex. gezien. Mogelijk tengevolge van een slecht wespenjaar kwam de terugtrek van Wespendieven al vroeg op gang. Op 22-07 trokken 2 ex. over De Diel, op 31 juli 1 ex. over Maatheide.

Een Slechtvalk hield zich op 19-07 nog in de buurt van de nestkast in Mol-Donk op. Zowel aan de Ronde Put als aan het Zwart Kot werden regelmatig op libellen jagende Boomvalken aangetroffen. Op 31 juli hingen boven Maatheide maar liefst 11 Torenvalken te bidden. Het betrof ongetwijfeld paartjes met uitgevlogen jongen.

 



Boomvalken waren regelmatig aan het jagen boven Zwart Kot (Lex Peeters)

  

Na het broedseizoen verdwijnen Zwartkopmeeuwen vrijwel onmiddellijk uit het binnenland en worden dan een vrij ongewone verschijning. In juli werden nog de volgende waarnemingen bekend: 1 ad. + 1 eerste kalenderjaar vogel op 17-07 op Maatheide; 1 roepend ex. op 18-07 bij de grotendeels verlaten kokmeeuwenkolonie van Glasfabriek; 1 derde kalenderjaarvogel op 25-07 overtrekkend over Maatheide; 1 juvenile op 27-07 aan de Grote Zandput.

Twee Visdieven waren op 24 juli aanwezig aan de Grote Zandput.

 

Snorrende Zomertortels waren dit broedseizoen helaas nauwelijks nog te horen. Op 18-07 zat een ex. te zingen aan het kanaal van Beverlo, op de kruising met het loopje van Stevensvennen. Op 19-07 klonk de vertrouwde zang op twee locaties in natuurgebied De Goorloop (Wampenberg) te Arendonk, waar zich toen ook een Kleine Bonte Specht liet zien. Op 21-07 kwamen 7 Zomertortels drinken aan de Grote Baggerput van Maatheide.

Koekoeken leiden na het 'dumpen' van hun eieren een teruggetrokken en onopvallend bestaan. Desondanks werd op 19-07 een ex. opgemerkt ten noordwesten van Put Rauw. Wielewalen werden in juli waargenomen in de buurt van Campinastrand (13 en 26-07) en aan de noordzijde van het kanaal ter hoogte van Stroobants (op 20-07 nog zingend).

 

De aanwezigheid van een onv. Grote Gele Kwikstaart op 22-07 bij Den Diel heeft mogelijk betrekking op een broedgeval in die contreien. Slaaptrek van Witte Kwikstaarten over Kristallijn op 18-07 (onder meer een groep van 36 ex.) wijst op een forse slaapplaats in de buurt van Rauw.

Luc Damen kon op 18-07 aan de Kattestaart enige tijd een Waterrietzanger observeren. Wegens onbekendheid met de soort kon hij in eerste instantie een onv. Rietzanger niet volledig uitsluiten, maar de foto's van een gevangen Waterrietzanger op 30 juli te Oud-Turnhout namen het laatste restje twijfel bij hem weg.

Drie onv. Putters werden op 25-07 aangetroffen bij de Ronde Put.

 

Augustus

Op 12/08 zwommen 2  (onv. of ad. w.kl) Geoorde Futen rond op de grote baggerput van de Lommelse Maatheide.

Manu Vermeulen zag op 20/08 bij het winkelen (!) een Kleine Zilverreiger overvliegen aan de GB (Alma) Mol. Grote Zilverreigers waren met 1 tot 2 ex. aanwezig op hun  geliefkoosde pleisterplaatsen in de regio. Waarnemingen van Purperreigers kwamen uit het Olens Broek (1 ex. van 10 tot 12/08) en uit Balen Scheps  (1ex. op 18/08). Zwarte Ooievaars lieten zich zien op 23/08 (een ex. gespot op Mol Russendorp kwam even later over telpost Lommel Maatheide ) en op 26/08 (een ex. kwam hoog in een cumuluswolk in beeld boven Lommel Maatheide, om tegen 17.15 u in te vallen in de buurt van Lommel Riebos).

 


Grote Zilverreiger, Grote Kievit, augustus 2007 (David Verdonck)

 

Het groepje van 6 Kolganzen liet zich ook deze maand weer opmerken op 23/08 in Mol-Rauw Scheppelijke Nete en 3 Casarca's  waren op 04/08 aanwezig op Lommel Maatheide. Lex Peeters zag op 12/08 aan de Molse Grote Plas een Wintertaling met een geel neuszadeltje. Deze vogel bleek zijn merkteken gekregen hebben in O Grove à Galicia (Noord-Spanje). Meer info hierover volgt later misschien nog. Op 14/08 zwom dan weer 1 ad. vr. Zomertaling + 1 juv. ex. (of ad. eclips) op Retie Grote Kievit, waarmee een broedgeval toch wel erg waarschijnlijk is geworden. 

 



Grauwe Kiekendieven
zorgden voor sensatie op de telpost Lommel - Maatheide op 23/08 (1 w of onv. ex. om 13.50 u samen met 2 Buizerden en rond 18.00 u nog 2 onv. ex. in actieve vlucht over de telpost) en op 24/08 (1 mannetje vanaf 10.15 u laag  jagend, om dan hoog verder te trekken naar Z).

Bruine Kiekendieven passeerden Lommel Maatheide in de derde decade: 21/08 (1ex.); 23/08 (5ex. + 1 w aan de Molse Grote Plas); 28/08 (2 ex.)


Op 11/08 hingen boven Lommel Maatheide geregeld groepen Buizerden in de lucht: naar schatting waren er die dag 25 à 35 ex. ter plaatse. Augustus is een belangrijke trekmaand voor Wespendieven. Op 04/08 waren nog 3 ex. ter plaatse op Lommel Maatheide. Op 07/08 3 ex. in formatie overtrekkend aan ’t Kristallijn. Op 11/08 2 ex. op De Most en op Lommel Maatheide 6 ex. op trek en nog 6 ex. (zelfs vlinderende ex.) ter plaatse. Op 12/08 daar weer 6 ex. op trek tussen 12.30 u en 14.50 u. Op 13/08 2 trekkende ex over Olmen Stotert. Op 17/08 aan de Molse Grote Zandput 3 ex. (vermoedelijk 1 koppel met 1 juv). Op 19/08 4 ex. boven Dessel De Pinken en op 21/08 3 ex. overtrekkend op Lommel Maatheide. De TOPDAG  hier werd echter  23/08, met in totaal 144 ex. (!) overtrekkend,  vanaf 11.45 u in groepen van 35, 31, 13, 9, 8 en 2 maal 5 ex. Op 24/08 deden ze het vanaf 12.00 u nog eens dunnetjes over, met groepjes van 10, 9, 3, 2 en 1 ex.

 

Man Grauwe Kiekendief, jagend boven Maatheide, 24 augustus (Lex Peeters)

 

Trekkende Visarenden kwamen over Lommel Maatheide op 12/08 en 28/08, met telkens 2 ex. Max. aantal pleisterende vogels samen op 31/08 aan de Molse Grote Plas met 4 ex.. Op 24/08 passeerde op Maatheide het eerste Smelleken. Op 02/08 zag Werner Langhmans een jagende juv. Slechtvalk zonder succes neerploffen op de slikplaat van de Molse Grote Plas.

 

Het max. aantal Patrijzen werd geteld op Lommel Maatheide op 12/08 met 6ex. en op 22/08 op Den Driehoek (Balen Umicore) met 4 ex. Ook Kwartels lieten zich opstoten op de vlakte van Lommel Maatheide: op 26/08 (1ex.) en op 28/08 (3ex. in de buurt van Farm Frites).

 

Op 04/08 maakten 7 ad. Kluten een tussenstop op de slikplaat van de Molse Grote Plas. Heel augustus waren er bijna constant Bontbekplevieren aanwezig op Lommel Maatheide en Mol Grote Plas. De grootste groepen werd geteld  aan de Molse grote Plas op 10 en 11/08 (4ex.) en op 21/08 (10 ex.) Een eenzame Morinelplevier leek in te vallen op 26/08 op Lommel Maatheide (niet teruggevonden) en 1 ad. Zilverplevier (in zomerkleed) passeerde daar op 11/08.

Augustus is ook de maand waarin de Strandlopertrek terug op gang komt. Kleine Strandlopers lieten zich zien aan de Molse Grote Plas op 21/08 (1ex.) en op 25 en 26/08 (2 ex.); op 23/08 verbleef ook 1 ex. aan ’t Kristallijn. Temmincks Strandlopers verschijnen in dezelfde periode, wat determinatie bij mindere zichtbaarheid soms moeilijk maakt. Van 21/08 tot 26/08 verbleef een ex. op de slikplaat aan de Molse Grote Plas. Op 04/08 viel een Krombekstrandloper (in overgangskleed) in op Lommel-Maatheide. Bonte Strandlopers komen al vanaf begin augustus in grotere aantallen door. Grootste aantal op 06/08 aan Mol Grote Plas (20 ex. op de slikplaat, dan doorvliegend naar ZO) ; op 10/08 (8 ad. ex. in zomerkleed); op 23/08 (5 ex.) en op 26 en 27/08 (3 ex.)

 


Een juveniele Kemphaan liet zich op 19/08 even zien aan de Molse Grote Plas en Manu Vermeulen telde op 11/08 12 Watersnippen in Balen De Most. Op 07/08 noteerde hij daar ook 7 Witgatjes en op 11 en 21/08 7 ex. aan’t Kristallijn. Weinig Tureluurs in de zomer: op 07/08 Kristallijn en 10/08 Mol Grote Plas telkens 1 ex.

Regenwulpen vielen op 07/08 en 08/08 (resp. 3 en 4 ex.) in aan Mol Grote Plas. 1 Zwarte Ruiter trok over Lommel Maatheide op 25/08. Op 07/08 pleisterden even 2Groenpootruiters aan ’t Kristallijn. 5 Bosruiters  kwamen op 04/08 druk roepend overgevlogen naar NO boven Lommel Maatheide; op 07/08 zat er een ex. aan’t Kristallijn en op 29/08 nog een op Retie Kattestaart. Grootste aantal Oeverlopers samen voor augustus werd geteld op 04/08 te Lommel Maatheide met 6 ex.

 

Vrij bijzonder waren de waarnemingen van Dwergmeeuwtjes op 06/08 op Put Rauw (een 2de jaars ex. viel daar in bij toenemende regen) en op 17/08 te Lommel Maatheide (om 8.15 u kwamen al 2 onv. ex. samen overgevlogen van W naar O. Waarnemingen van Geelpootmeeuwen werden verricht op 04/08 Lommel Maatheide, 10 en 11/08 Kristallijn , 18/08 Lommel Maatheide en 2 ad. ex. op 07/08 te Mol Vercammen.

 

Een onv. Visdief verbleef regelmatig op een boei op de Kanaalplas (Lex Peeters)

 

 

De Molse Grote Plas en de Kanaalplas waren nu de favoriete foerageerplaatsen voor enkele Visdieven in augustus. Waarnemingen aan de Grote Zandput op 02/08 (3 juv.); van 04/08 tot 10/08: nog 1 juv. ter plaatse, maar op 06/08 had het gezelschap gekregen van 1 juv. ex. Noordse Stern. Op 08/08 verbleven 2 onv. Visdiefjes op de boeien van de Kanaalplas. Ook hier waarnemingen van 1 tot 2 ex. jagend tot zeker 21/08. Trekkende Visdieven over Lommel Maatheide op 11/08 (1ex.) en 12/08 (12 ex.).

Philippe Van Audenhove zag tot zijn verassing op 19/08 een ad. Dwergstern opduiken aan de Molse Grote Plas. Ook Zwarte Sterns kwamen op bezoek in de eerste decade van augustus : 06/08 Mol Kanaalplas (1ad. op boei); 08/08 Put Rauw (1ad.); 09/08 Lommel Maatheide (1 onv. op trek) en 10/08 Put Rauw (7ex. op trek).

 

Opmerkelijke groepen trekkende Zomertortels werden genoteerd over Lommel Maatheide op 11/08 (16ex. waaronder een groep van 11 ex.) en op 12/08 (18ex. w.o. een groep van 14 ex.). Ook een Draaihals liep daar in de kijker op 26/08.

 


In de laatste decade van augustus passeerden niet minder dan 10 Duinpiepers bij de telpost op Maatheide: 23/08 (2ex.); 24/08 (5ex., maar 2ex.vielen in en bleven de hele ochtend rond de telpost hangen, om zo op de foto te komen); op 25, 26 en 28/08 (telkens 1 ex.). Trekkende Gele Kwikstaarten werden hier geteld op 19/08 (11 ex.); 23/08 (73 ex. met 22 ex. als grootste groep) en 24/08 (83ex., maar door de strak blauwe lucht zeker een ondertelling).

 Ook Paapjes bleven zich tijdens de trekperiode niet onopgemerkt: 18/08 Mol Grote Plas (1ex.); 21/08 Kristallijn (1 ex.); 22/08 Den Driehoek Balen Umicore (27 ex. ter plaatse); 24/08 Lommel Maatheide (2 ex.) en op 26/08 (1 ex.). Het max. aantal Roodborsttapuiten samen werd ook geteld op 22/08 op Den Driehoek aan Umicore, met 8 ex. Tapuiten verschenen ook in grotere groepjes in de laatste decade van augustus: bij telpost Maatheide op 23/08 (5); 24/08 (17); 26/08 (10-tal); 27/08 (min. 15 ex.). Op 22/08 telde Manu Vermeulen 18 ex. op Den Driehoek aan Umicoren Balen-Wezel.

 

Op 10/08 ontdekte Lex Peeters 1 Rietzanger tussen de Kleine Karekieten in de rietkraag ten N van Put Rauw. Op 07/08 telde Michel Van Buggenhout een 30-talRingmussen samen met 130 Groenlingen op een wildakker in Balen Scheps. Putters passeerden over telpost Maatheide op 13/08 (12 ex.) en 22/08 (4 ex.).

Ook Kruisbekken meldden zich in augustus: op 11/08 1 roepend ex. aan Molse Kanaalplas en 2 overvliegende ex. in Mol Buitengoor. Op 19/08 ook 1 wijfje op Dessel De Pinken.

 

Twee Duinpiepers hielden zich op 24 augustus op bij telpost Maatheide (Lex Peeters)

 

En tot besluit werd 1 Appelvink op 22/08 aangetroffen in Balen De Most.

 



Met dank aan de waarnemers: Berghmans Herman, Bijnens Herman, Bollen Theo, Damen Luc, Delaet Jan, Janssens Toon, Cuypers Ludo, Cuyvers Esther, Dekoning Andre, De Schepper Jan, Langhmans Werner, Meeus Dirk, Mertens Alois, Peeters Lex, Peetermans Eric, Sas Jef, Schildermans Tom, Vaes Eddy, Van Audenhove Eli en Philippe, Van Buggenhout Michel, Van de Weyer Carl, Vandeven Tom, Van Doninck Niels, Van Reet Staf, Van Kerckhoven Jos, Van Roey Karel en Andrea, Verbraeken Bart, Vermeulen Manu, Venema Nico, Verwimp Peter, Wijnants Jaak .

Comments